Doecke van Martena
Woonde op het Martenahuis aan de Nieuwestad te Leeuwarden.
Was eigenaar van Martena State te Cornjum.
Was eigenaar van Groot Terhorne te Beetgum.
https://www.mpaginae.nl/GS/GSnaaml.htm#1584
Martena, Duco van – Leeuwarderadeel (G 1578: Barradeel)
O 1577-1579, 1596-1599
In 1554 was hij lid van de Friese Staten.
In 1564 vast lid van het college ‘Gedeputeerden totten Doleantie’.
Lid Verbond der Edelen.
Vanaf 1572 belangrijke deelnemer aan de opstand.
In 1572 benoemd tot Commandant van Franeker.
In 1573 krijgt hij opdracht van Willem van Oranje om een Friese Admiraliteit op te richten (zie brief in HCL 2020).
In 1575 eigenaar van Unema State te Blije, zie tekening van J. Stellingwerf.
Hij was grietman van Barradeel 1578-1579.
Lid Gedeputeerde Staten van Friesland 13-10-1577 / 28-8-1579.
In 1580 lukt het de Spanjaarden Doeke Martena gevangen te nemen. Willem van Oranje biedt losgeld aan maar de vijand weigert het geld.
Pas wanneer de watergeuzen een aantal gijzelaars in handen krijgen, stemmen ze in met een gevangenenruil.
Na bijna een jaar gevangenschap komt Doeke Martena vrij, in ruil voor drie Spaans gezinde ‘landgenoten’.
In 1589 was Jacob de Vries vaandrig in de compagnie van kapitein Doecke van Martena.
In 1590 wordt Jacob de Vries luitenant onder kapitein Doecke van Martena, als opvolger van de toen overleden luitenant Peter Tiaerdts, waarbij Jacob ook Jacques wordt genoemd.
In 1592 is Fonseca zijn luitenant.
Zie ook zijn compagnie vaandelschets ca. 1601 (Martena/Fonseca)
(Koninklijke Verzamelingen)
Ordinaris Gedeputeerde van de Staten Generaal 10-12-1588 / 19-5-1591.
Mogelijk was hij tot 1592 nog voor als extraordinaris gedeputeerde.
Van 1596 / 16-2-1599 was hij lid van de Gedeputeerde Staten van Friesland.
1592: Doeke van Martena in garnizoen in Hasselt (Groninger schansenkrijg, pag. 57)
In 1593 kapitein van Friese compagnie (genoemd door Vervou)
In garnizoen in Slijkenborg/Sloten/Lemmer in juni 1595 volgens overzicht voor het veldleger (dagboeken WL)
In april 1597 garnizoen te Zoutkamp/Slochteren. (Uit: lijst van compagnies en hun garnizoensplaatsen. Pierius Winsemius, Chronique)
In 1599 in garnizoen te Sloten (trouwen soldaten allefirezen.nl)
Zie ook zijn compagnie vaandelschets ca. 1601.
Hij was in 1601 aanwezig bij het beleg van Rijnberk.
Juw van Harinxma was op 3-10-1605 zijn opvolger als hopman/kapitein.
Portret van hem bekend door Adriaen van Cronenburgh uit 1558.
Hij was de laatste mannelijke Martena en het stierf dus met zijn overlijden uit.
Artikel in De Heraut: Bernard de Merode, luit-stadhouder Friesland 1580-1583.
Hij wordt hij genoemd, in een brief door Bernard de Merode aan de Ged. van de Geunieerde Provincien.
Op 5-11-1580 verscheen Rennenberg met zijn troep voor de stad Sloten, die bezet was door 3 compagnieen voetknechten en een afdeling ruiters, onder bevel van Duco van Martena. In het begin werd de aanval van de vijand afgeslagen, door het moedig gedrag van de bevelhebber (Martena), maar op den duur waren ze niet bestand tegen de overmacht.
De verdedigers werden overweldigd en op de vlucht gedreven.
——
nr. 12 dato 6 november 1580 aan Hopman Duco van Martena.
…hij krijgt ‘pulver ende lont’
—
nr. 23: dato 2 maart 1581 aan den Overste Luitenant Menninck
Het is ons seer leed geweest om hiern neer te schrijven dat die Lieutenant van Doco van Martena geschoten is geweest ende vuyt het leven gescheyden.
Er is een document uit 1606 waarin de nalatenschap wordt verdeeld tussen dochters Swob en Baucken hun echtgenoten.
(mail Gerben Wierda)
-op een commandostaf in Harlingen staat: Ducke van Martena drost van Harlingen en hopman Ao 1604 en verderop: ‘naer lyden compt verblyden, Jovius van Haringsma hopman Ao 1609’.
Hij stelde zich na 1568 als vrijheidsstrijder tegen Spanje ter beschikking van Prins Willem van Oranje (GsvD-138/140).
In 1573 als admiraal op de Zuiderzee (hij was in 1573 als eerste admiraal in Friesland benoemd!)
Later gedeputeerde en lid van de Staten-Generaal.
-vanwege zijn hoge leeftijd was het in de praktijk de luitenant die de compagnie leidde.
Vanaf 1592 was dit Juan Susart de Fonseca. In 1602 krijgen Martena en Fonseca onenigheid.
Martena wil zijn schoonschoon Evert Bartholts Entens van Mentheda als vervanger aanstellen.
Fonseca heeft hem echter al ruim 10 jaar vervangen en pikt dit niet. Fonseca krijgt een nieuwe aanstelling en volgt Rienck van Dekema als kapitein op.
In 1604 genoemd als hopman en drost van Harlingen (zie 2417 bij de Walle).
Zijn naam ter herinnering op de kerkklok van Cornjum uit 1624.
Zie ook Grafschriften III (Galileërkerk);er waren van hem 16 kwartieren.
Wybe van Grovestins was zijn luitenant.
www.archieven.nl
Brief van Karel Roorda en Duco van Martena te ‘s-Gravenhage aan de Staten van Friesland, waarin wordt bericht dat Schram een commissie als hopman heeft gekregen en gelast is uit Sluis naar Kooten te gaan en Camphuijsen op Swartsluis te laten, dat een repartitie van 13000 gulden is verzonden voor de gravin van Mars, met verzoek die som over te maken, dat wegens het maken van munten te Gorkum en Culemborg een resolutie is aangenomen door de Staten-Generaal die deze munten vals verklaart en dat een gezant uit Geneve is aangekomen om steun te zoeken, waarna de verschillende gecommitteerden ter Generaliteit beloofd hebben bij hun provinciën hiervoor te pleiten.
https://nl.wikipedia.org/wiki/Doecke_Martena
Doecke (Duco) van Martena (?, 1530 – Leeuwarden, 11 november 1605) was een Fries vrijheidsstrijder.
Van Martena trad in de strijd voor de Friese vrijheid politiek en militair naar voren. Als Karel Roorda een leider der heftig anti-Spaanse hervormden. Hij was onder andere admiraal der Zuiderzee (1573), gedeputeerde, vanaf 1554 lid van de Staten-Generaal, commandant van Hasselt. Hij was verarmd in de strijd voor de vrijheid. In 1572 werd hij door Willem van Oranje tot luitenant-admiraal van Friesland benoemd.

Portret van Doecke van Martena (1527-1605)
Geschilderd in 1558 door Adriaen van Cronenburgh.
(Fries Museum)

Commandostaf in Harlingen met de tekst: Ducke van Martena drost van Harlingen en hopman Ao 1604 en verderop: ‘naer lyden compt verblyden, Jovius van Haringsma hopman Ao 1609’.
Kenmerken
| Nationaliteit | Friesland |
| Naam | Doecke van Martena |
| Woonplaats | Cornjum, Martena State en Leeuwarden |
| Compagnie | WATERGEUZEN C04 ADMIRALITEIT VAN FRIESLAND |
| Rang | Admiraliteit van Friesland - Luitenant-Admiraal Commandeur Drost Friese Nassause Regiment - kapiteins Garnizoen |
| Officier van: | ca. 1572 en 1580 |
| Officier tot | 1580 en 1605 |
| Vermeld bij: |
|
| Gesneuveld | - |
| Portret/State/Familiewapen | ![]() |
| Afbeeldingen | Familiewapen State Vaandel Vaandel Vaandel Overige |
| (BK nr.) | 32321 |
| Blog | ja |
| Voorganger in WATERGEUZEN | Adam Everts van Haren |
| Opvolger in WATERGEUZEN | Here Douwes van Hottinga |
Carrière
| Kapitein in compagnie C04 van ca. 1572 tot 1605 |
| Kapitein in compagnie GARNIZOEN SLOTEN van 1580 tot 1580 |
| Kapitein in compagnie GARNIZOEN SLOTEN van jun. 1595 tot ? |
| Kapitein in compagnie GARNIZOEN ZOUTKAMP van apr. 1597 tot ? |
| Kapitein in compagnie GARNIZOEN SLOTEN van 1599 tot 1599 |
| Drost in compagnie HARLINGEN van in 1604 tot ? |
| Kapitein in compagnie GARNIZOEN HASSELT van 1592 tot ? |
Andere kapiteins
Admiraliteit van Friesland - Kapitein
Drost
Friese Nassause Regiment - Commandeur
- Adriaen Slijp
- Arent van Arentsma
- Damas van Loo
- Frans Harinxma van Donia
- Hans van Oostheim
- Hessel Hotzes van Aysma
- Ids van Eminga
- Quirijn de Blau
- Taecke Hommes van Hettinga
- Tjalling Douwes van Sixma
- Tjerck van Solckema
- Wigle Dyes van Hania
Friese Nassause Regiment - Cornet
Friese Nassause Regiment - kapiteins
- Barnardus Ketel
- Binnert van Heringa
- Bonefacius van Scheltema
- Doecke Hayes van Rinia
- Doecke van Hemmema
- Douwe Aylva van Loo
- Douwe Laeses van Glins
- Douwe Poppes van Andringa
- Epe van Heemstra
- Frans Aebinga van Humalda
- Frans van Cammingha
- Frans van Roussel
- Georg Frederik thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg
- Gosewijn van Wiedenfelt
- Harmen van Wonsdorp
- Hoyte van Goslinga
- Idzart van Grovestins
- Jacob van Roussel
- Jacob van Ruffelaer
- Jacques van Challansi
- Jacques van Oenema
- Jan Gerckes Hoptilla
- Jan Sageman
- Jan van Burmania
- Jan van Idsaerda
- Jarich van Hottinga
- Johan van Bonga
- Juw van Eysinga
- Juw van Harinxma
- Leendert Huijghis
- Lodewijk Douwes van Harinxma
- Lolle Jarichs van Ockinga
- Ludolf Potter
- Michiel Hagen
- Philip van Boshuizen
- Rencke van Lycklama
- Rienck van Dekema
- Rienck van Sytzama
- Rogier Adriaansz. Slijp
- Ruurd van Feytsma
- Seerp van Dijxtra
- Simon Jongestall
- Sybe van Aylva
- Sybren Sybrens van Walta
- Taecke Lieuwes
- Tiete van Galama
- Tjaard Jansen Wederspan
- Willem van Inthiema
- Wopcke Ottes van Herema






