Bernardus Bernardi Furmerius
Hij was in april 1603 in Oostende (dagboek Furmerius pag. 9)
Hij ging 17-8-1603 naar Nijmegen (dagboek Furmerius pag. 13) en komt in november terug in L’den (pag. 15).
Hij ging 2 febr. 1604 naar Rijnberk met zijn vrouw en zijn kapitein (Furmerius, pag. 21)
Hij ging 11-9-1605 met zijn vrouw naar het kamp in Coevorden (Furmerius, pag, 51)
Op 4-5-1612 werd ‘Mijn zoon Bernard [Furmerius] tot luitenant uitgeroepen door Wigle Hania kapitein in de Bourtange.
(Furmerius, pag. 149)
—-
Vergelijk evenwel de resolutie van GS van 22 mei 1612: “d” Gedeputeerde Staten van Vrieslandt in deliberatie genomen hebbende het vergeven van ’t leutenantschap van de compagne van de hopman Wigle Hanija ende daervan gehoort de verclaringe van desel-ven hopman, hebben geresolveert ende resolveren midts desen dat ’t voors leutenantschap sal blijven vacant tot naerder dispositie, soe overmidts de vergevinge van dien geschiet van den uuytroep, die daerinne gepleecht es geworden; belastende over sulx Jarich Kauf es buyten ende tegens ’t advies van desen Collegie, alsmede om de onbehoorlijckheyt midts desen omme den hopman gheen gage op’t lieutenantschap te passeren volgens-t 31 art. van hunne Gedeputeerde[n] instructie”. In een brief van 16 februari 1613 aan Wil lem Lodewijk, die de kandidatuur van Bernardus Furmerius kennelijk steunde, stellen GS dat “de voors. Furmerius den wech totte resignatie van ’t lieutenantschap bij toedoen van den hopman niet alleene met gelt geopent, maer oock tselve lieutenandtschap bij onder-cruypinge van U Gen. vercregen heeft, sonder ons in ’t minste daerinne te kennen”. Voorts delen zij de stadhouder mede dat, hoewel zij “wel redenen hadden omme bij andere wegen tegens den hopman ende Furmerium te gaen”, er twee gedeputeerden gecommitteerd zijn “omme parthijen vocatis vocandis voor hen te roepen ende deselve nopens zijne gedaene verschot metten hopman te verdragen”. Op 8 mei 1613 schrijven GS “aen Bernardum Furmerium de Jonge, corporael van d’ adelborssen onder hopman Wigle van Hannia” met het bevel om “den tegenwoordigen lieutenant” Buwe Adijes als zodanig te respecteren en te gehoorzamen en om niet langer de manschappen tegen hem op te zetten. Bernardus wordt erop gewezen dat Buwe het luitenantschap “gemeriteert hadde met zijn getrouwen dienst van sooveele ende menige jaren als ghij bij avontuiren oudt zijdt”.
[Furmerius, noten]
Op 3-1-1618 werd Bernardus Formerius vaandrig in de compagnie van kapitein (Wigle) Hania, als opvolger van [niet vermeld]
https://www.mpaginae.nl/IenK/ingkwart.htm
Kwartiermeesters
Bernardus Furmerius kwartiermeerster (k.) i.p.v. Hector Friesma 16 maart 1616, van het Friese regiment i.p.v. zijn w. broer 6 december 1620
Matthijs van Voort k. i.p.v. B. Furmerius 15 december 1627
Volgens van der Aa liet deze vestingbouwkundige of ingenieur bij het beleg van ’s Bosch in 1629 Graaf Ernst Casimir van Nassau een door hem ontworpen plan van aanleg van een vervaarlijk grote loopgraaf aannemen, waardoor hij de belegeraars een gewichtige dienst bewees. Daarna enige tijd naar het buitenland (Duitsland?). De kinderen van de “quartiermeister Foort” komen in 1636 voor op de genodigdenlijst voor de begrafenis van Albert Ornia uit de wijk St. Jacobsstraat, Naauw, Weaze: waren hun ouders (Matthijs van Voort en Lijcke (Lyncke) Jarigsdr = Catalina Knijff) toen overleden?
Nummer: 1196
Signatuur: y29; 33
Datum: 1628/01/22
Inventarisant: Bernardus Furmerius
Beroep inventarisant: Kwartiermeester van het Friese Regiment
Eerste echtgenote: Lijsbet Jelmersdr
Kenmerken
| Nationaliteit | NEDERLAND |
| Naam | Bernardus Bernardi Furmerius |
| Woonplaats | Leeuwarden |
| Compagnie | KRIJGSGERECHT |
| Rang | Friese Nassause Regiment - Korporaal Friese Nassause Regiment - Kwartiermeester Friese Nassause Regiment - Vaandrigs |
| Officier van: | 1620 |
| Officier tot | 1627 |
| Vermeld bij: | - |
| Gesneuveld | - |
| Portret/State/Familiewapen | - |
| (BK nr.) | 49252 |
| Blog | - |
Carrière
| Korporaal in compagnie GARNIZOEN OOSTENDE van apr. 1603? tot |
| Korporaal in compagnie RIJNBERK van febr. 1604 tot ? |
| Korporaal in compagnie GARNIZOEN COEVORDEN van 1605 tot ? |
| Vaandrig in compagnie C17 van 3-1-1618 tot 1620? |
| Kwartiermeester in compagnie KRIJGSGERECHT van 1620 tot 1627 |
Andere kwartiermeesters
Admiraliteit van Friesland - Kapitein
Admiraliteit van Friesland - Luitenant-Admiraal
Drost
Friese Nassause Regiment - Commandeur
- Adriaen Slijp
- Arent van Arentsma
- Damas van Loo
- Frans Harinxma van Donia
- Hans van Oostheim
- Hessel Hotzes van Aysma
- Ids van Eminga
- Quirijn de Blau
- Taecke Hommes van Hettinga
- Tjalling Douwes van Sixma
- Tjerck van Solckema
- Wigle Dyes van Hania
Friese Nassause Regiment - Cornet
Friese Nassause Regiment - kapiteins
- Barnardus Ketel
- Binnert van Heringa
- Bonefacius van Scheltema
- Doecke Hayes van Rinia
- Doecke van Hemmema
- Douwe Aylva van Loo
- Douwe Laeses van Glins
- Douwe Poppes van Andringa
- Epe van Heemstra
- Frans Aebinga van Humalda
- Frans van Cammingha
- Frans van Roussel
- Georg Frederik thoe Schwartzenberg en Hohenlansberg
- Gosewijn van Wiedenfelt
- Harmen van Wonsdorp
- Hoyte van Goslinga
- Idzart van Grovestins
- Jacob van Roussel
- Jacob van Ruffelaer
- Jacques van Challansi
- Jacques van Oenema
- Jan Gerckes Hoptilla
- Jan Sageman
- Jan van Burmania
- Jan van Idsaerda
- Jarich van Hottinga
- Johan van Bonga
- Juw van Eysinga
- Juw van Harinxma
- Leendert Huijghis
- Lodewijk Douwes van Harinxma
- Lolle Jarichs van Ockinga
- Ludolf Potter
- Michiel Hagen
- Philip van Boshuizen
- Rencke van Lycklama
- Rienck van Dekema
- Rienck van Sytzama
- Rogier Adriaansz. Slijp
- Ruurd van Feytsma
- Seerp van Dijxtra
- Simon Jongestall
- Sybe van Aylva
- Sybren Sybrens van Walta
- Taecke Lieuwes
- Tiete van Galama
- Tjaard Jansen Wederspan
- Willem van Inthiema
- Wopcke Ottes van Herema
